Net voor deze passage vertelde Mattheus over Jezus’ terugkeer naar zijn geboortestad waar Hij weinig gehoor en geloof krijgt – geen sant in eigen land. Daar komen de leerlingen van Johannes met het bericht dat zijn achterneef en doopvader vermoord is als dank voor een verjaardagdans aan het hof van Herodes…
Het is te veel. Jezus vaart naar een eenzame plaats. Een diepmenselijke reactie op het bruut bericht. Plotse en gewelddadige doodsberichten komen aan. Je wenst ze niemand toe, ze maken sprakeloos en werpen ons op onszelf terug. Misschien proberen we door zelfgekozen isolement de band met de overledene vast te houden, de tijd stil te zetten die ons verder en verder drijft van de doorleefde band met de dode.
Maar de mensen volgen Jezus te voet. Een grote menigte wacht Hem op. Jezus heeft zeer met hen te doen en geneest hun zieken, schrijft Mattheus. Én het gaat verder dan dat: de massa krijgt te eten, overvloedig.
Het is maar één van de vele broodwonderen in de bijbel, één van de vele maaltijden die een voorafspiegeling zijn van Gods Rijk.
Het zou ons niet mogen verbazen dat broodwonderen zo vaak voorkomen, want zonder voedsel geen leven.
Het terugkerende wonder van zaad in aarde, overgoten met zon en regen en werk van mensenhanden komt als dagelijks mysterie van leven-als-cadeau binnen, brengt het transcendente midden het leven, toen én nu.… Er wordt ons overvloedig gegeven, om niet… en dat wonder ligt in ieders handen.
Doorheen de tijd brachten lezers interessante gedachten aan om de voedselwonderen bij het leven vandaag te laten aansluiten. Stuk voor stuk brengen ze Jezus’ levende nabijheid in dit geloofsverhaal dichterbij en blijven ze ver van het idee dat natuurwetten doorbroken worden.
Wel laten sommigen zich inspireren door Jezus die zijn persoonlijke agenda laat doorbreken. Zijn innerlijke bewogenheid bij de dood van Johannes wordt als het ware versterkt door de noden rondom en raakt een snaar in Zijn gegeven leven. Voor Johannes kan Hij niets meer betekenen, voor deze mensen wel. Het doet denken aan een zwangere jonge weduwe die haar rouw pas op een vruchtbaar spoor kreeg toen een ander in nood een beroep op haar deed en zij niet louter in de ontvangende rol bleef.
Anderen lezen in dit evangelie een discussie tussen Jezus’ leerlingen die de menigte mensen elders eten willen laten kópen - elk voor zich dus -
en Jezus die vindtwil dat zijzelf de menigte te eten géven.
Herinnert Mattheus ons hier aan de profetische tekst van Jesaja die we hoorden in de eerste lezing, waar eten en drinken zonder betaling aangeboden wordt? Interessante overweging: bedoelt Jezus - en/of de evangelist Mattheus - dat basisbehoeften geen marktproduct mogen zijn, maar gratis toegankelijk voor iedereen? Hoe ver is onze samenleving afgeraakt van dit vanzelfsprekend idee wat leefbaar samenleven kan zijn…