Ik weet niet of u heeft gelet op de verschillende locaties van de Verleidingen die we hebben gehoord. Ze zijn niet willekeurig gekozen. In het evangelie worden de verzoekingen van Jezus ervaren in de woestijn, maar ook in de Heilige Stad en op de berg. In de bijbelse symboliek zijn dit juist plaatsen van ontmoeting met God, plaatsen waar het heilige zich openbaart...
In het evangelie van Mattheüs bevinden de verzoekingen zich dus niet op neutrale plaatsen, ver van het heilige, ver van God. De evangelist plaatst de verleider precies daar waar de mens gewend is God te zoeken: in de woestijn, in de heilige stad, in de tempel: daar waar wij misschien denken dichter bij Hem te zijn...
Is het niet wanneer mensen “heilig” van iets overtuigd zijn dat ze in de verleiding komen? En is het niet wanneer een “heilige” overtuiging macht krijgt zoals in de politiek en in de religie, dat ze een ‘slang’ wordt en de mens verleidt?
Moet het evangelie dan niet eerder ‘een uitweg uit de religie’ zijn? Een bevrijding van ‘heilige overtuigingen’ of zelfs van het ‘heilige’ tout court, zoals Gauchet stelt?
Ik zeg niet dat we moeten vasten van onze godsdienst, van onze kerk, niet meer naar de dominicanen komen en onszelf in quarantaine moeten plaatsen. Nee. Maar de hele dubbelzinnigheid van de verleiding is te geloven dat men niet verleid kan worden...