Vandaag is het veertig dagen geleden dat we Pasen vierden. En dat doen we nog steeds, op weg naar Pinksteren, want Pasen is niet zoiets als een knop omzetten,het donker van Goede Vrijdag voorbij, het licht van Pasen in volle glorie aanwezig. Mensen die een verlies geleden hebben weten tot in hun diepste vezels dat het zo niet werkt.
Pasen, de terugkeer van het licht en leven, is een langzaam en kwetsbaar proces. Het is de ontdekkingsreis over de vraag wat Jezus, de gekruisigde, de gestorvene, in ons leven betekent.
Veertig dagen duurt die reis, net zolang als Jezus verblijf in de woestijn, voor hij zijn zending begon.
Dat land van verdriet en verlatenheid, overgangsgebied tussen doodsland en land van belofte moeten ook de leerlingen door, moet ieder van ons soms door.
Op de weg van Pasen naar Pinksteren wisselen bij de leerlingen verlatenheid en de ervaring van Jezus’ levende nabijheid elkaar af, maar langzaam wint de laatste aan kracht. Tot ze na veertig dagen - een volledige rouwperiode - tot rijpheid is gekomen. Ze hebben Jezus, als hun Messias en richtingwijzer in hun leven ‘opgenomen’, hun leven is van hem vervuld. Hij kan dan gaan.
Als afsluiting van dit proces geeft het boek Handelingen ons dat prachtige verhaal van Jezus’ hemelvaart, dat tevens een nieuw begin inluidt. Het maakt de leerlingen tot apostelen, tot gezonden. Kijkt u met mij mee!
De leerlingen zijn er getuigen van hoe Jezus, weer op een berg, door een wolk wordt opgenomen en zo aan hun ogen wordt onttrokken.
In dat beeld klinken zoveel verhalen mee:
in een wolk reist de Eeuwige op met het Joodse volk,
in een wolk op de berg ontmoet Mozes de Allerhoogste
in een wolk op de berg spreekt een stem die Jezus de naam geeft:‘ Mijn Zoon, mijn veelgeliefde’
Op een berg, daar waar wij de gewone dingen ontstijgen, komt de Eeuwige tot ons in een wolk, verhuld dus. Die wolk is beeld van zijn gecondenseerde scheppende adem. Daarin overbrugt de Levende hemel en aarde en komt Hij ons rakelings nabij.
In die wolk, zijn levensadem, neemt de Levende zijn Zoon bij Hem op. Daar hoort Hij, bij de Eeuwige, oorsprong en bestemming van alle leven. Een beeld, zo krachtig en troostend, dat het ons steeds weer helpt om onze dierbaren aan God toe te vertrouwen als wij hen uitdragen. Want waarom Hij wel en wij niet, wij zijn toch ook mensen.
Om daar iets van te ervaren is het in de regio waar ik vandaan kom daarom op enkele plaatsen nog steeds de gewoonte dat mensen op Hemelvaartsdag en Pinksteren heel vroeg, als de dauw nog op de velden ligt, door de natuur trekken, te voet of op de fiets.