“Jouw vader was toch een zwijgzame, teruggetrokken man. Niet dat hij niet lief zou zijn geweest of nukkig, integendeel. We zagen mekaar heel graag en voelden dat allebei heel sterk. Maar ik heb hem eigenlijk nooit echt gekend”. De oude moeder staart voor zich uit en mompelt er nog stilletjes achteraan: “ik bedoel… echt doorgrond heb ik hem nooit, versta je?” Die kleine conversatie tussen moeder en zoon brengt aan het licht wat zovele mensen in hun relaties ondervinden. Levenslang.
Dat liefdesrelaties en zeker ook vriendschappen, hoe goed ze ook mogen zijn, een blijvende ontdekkingsreis zijn mét maar zeker ook naar de geliefde of naar de vriend of vriendin.
Wie is toch die ander, mijn meest nabije?
En terwijl ik die vraag stel, weet ik dat de ander ook altijd een stukje mysterie zal blijven. Misschien maar goed ook. In elk geval is dit het thema van het prachtige evangelieverhaal van vandaag: de Gedaanteverandering. Christenen vieren dat ‘gebeuren’ als een van de belangrijkste openbaringsmomenten. Wat wordt er hier openbaar? Aan wie wordt wat geopenbaard? Het klassieke antwoord op die vragen ligt precies in het verlengde van wat ik daarnet zei: de leerlingen ontdekken steeds meer wie hun geliefde Jezus is.
Petrus, Johannes en Jakobus zijn getuigen van de ontmoeting van Jezus met God. Dit gebeurt op een berg, in de Schrift de plaats van een Godsontmoeting. Mozes spreekt op de berg Sinaï met God. En Elia ontmoet God op de berg Horeb. Hier zijn beiden terug van de partij. Petrus, Johannes en Jakobus zien Jezus’ goddelijke oorsprong die geopenbaard wordt in zijn stralend gezicht en zijn witte kleed. Het licht van die openbaring valt op hen. Iconenschilders beelden de drie doodsbange leerlingen uit, liggend op de grond in een verschillende houding. Het is alsof ze willen duidelijk maken dat mensen op Gods openbaring reageren zoals ze zijn, verschillend van elkaar. Het licht van de openbaring overkomt elke mens anders. Wié die leerlingen zijn, is belangrijk. Petrus, Johannes en Jakobus zijn de ‘intimi’ van Jezus. We zullen ze opnieuw ontmoeten bij de diepste vernedering van Jezus in de Hof van Olijven. Daar is het perspectief omgekeerd en zien zij de lijdende Jezus. Hier zien ze de verheerlijkte Jezus. De twee gebeurtenissen roepen elkaar op.Samen zeggen ze het wezenlijke over Jezus de Christus.