Article header background
Terug naar overzicht
Bernard De Cock
image

Tweede zondag in de Veertigdagentijd

Wie is toch die ander, mijn meest nabije?

image

© Pixabay

Jouw vader was toch een zwijgzame, teruggetrokken man. Niet dat hij niet lief zou zijn geweest of nukkig, integendeel. We zagen mekaar heel graag en voelden dat allebei heel sterk. Maar ik heb hem eigenlijk nooit echt gekend”. De oude moeder staart voor zich uit en mompelt er nog stilletjes achteraan: “ik bedoel… echt doorgrond heb ik hem nooit, versta je?” Die kleine conversatie tussen moeder en zoon brengt aan het licht wat zovele mensen in hun relaties ondervinden. Levenslang.

Dat liefdesrelaties en zeker ook vriendschappen, hoe goed ze ook mogen zijn, een blijvende ontdekkingsreis zijn mét maar zeker ook naar de geliefde of naar de vriend of vriendin.


Wie is toch die ander, mijn meest nabije?

En terwijl ik die vraag stel, weet ik dat de ander ook altijd een stukje mysterie zal blijven. Misschien maar goed ook. In elk geval is dit het thema van het prachtige evangelieverhaal van vandaag: de Gedaanteverandering. Christenen vieren dat ‘gebeuren’ als een van de belangrijkste openbaringsmomenten. Wat wordt er hier openbaar? Aan wie wordt wat geopenbaard? Het klassieke antwoord op die vragen ligt precies in het verlengde van wat ik daarnet zei: de leerlingen ontdekken steeds meer wie hun geliefde Jezus is.

Petrus, Johannes en Jakobus zijn getuigen van de ontmoeting van Jezus met God. Dit gebeurt op een berg, in de Schrift de plaats van een Godsontmoeting. Mozes spreekt op de berg Sinaï met God. En Elia ontmoet God op de berg Horeb. Hier zijn beiden terug van de partij. Petrus, Johannes en Jakobus zien Jezus’ goddelijke oorsprong die geopenbaard wordt in zijn stralend gezicht en zijn witte kleed. Het licht van die openbaring valt op hen. Iconenschilders beelden de drie doodsbange leerlingen uit, liggend op de grond in een verschillende houding. Het is alsof ze willen duidelijk maken dat mensen op Gods openbaring reageren zoals ze zijn, verschillend van elkaar. Het licht van de openbaring overkomt elke mens anders. Wié die leerlingen zijn, is belangrijk. Petrus, Johannes en Jakobus zijn de ‘intimi’ van Jezus. We zullen ze opnieuw ontmoeten bij de diepste vernedering van Jezus in de Hof van Olijven. Daar is het perspectief omgekeerd en zien zij de lijdende Jezus. Hier zien ze de verheerlijkte Jezus. De twee gebeurtenissen roepen elkaar op.Samen zeggen ze het wezenlijke over Jezus de Christus.

Je kan deze alles afsluiten met de gedachte dat ook wij Jezus beter leren kennen via dit verhaal.


image

Stenen reliëfpaneel van de koorafscheiding van de kathedraal van Chartres © Lawrence Lew, OP

Het verhaal laat echter nog iets méér zien, namelijk de openbaring die aan Jezus zélf gebeurt.

Op het kruispunt van zijn leven, in dit beslissend moment van kiezen op leven en dood gaat het erom dat zijn oorsprong én bestemming aan het licht komen. Die richting wordt gekozen in overleg met Elia en Mozes. Jezus spreekt met de grote tenoren van zijn eigen joodse traditie. Hij spreekt met de twee profeten bij uitstek die hun leven waagden door te kiezen voor mensen zonder naam en zonder toekomst en daarin tolk werden van de liefde van Jahweh: een God die toekomst schept. In gesprek met deze traditie zal Jezus de dodelijke confrontatie in Jeruzalem aangaan. Hij is niet Mozes, noch Elia. Hij is Jezus die door Johannes gedoopt werd en daarmee begon aan een leven in verbondenheid en dienst aan God, onwetend waar die weg hem zou brengen. Hij is Jezus die bij zijn doopsel en ook hier weer Gods welbeminde zoon wordt genoemd.

Door de trouw van Jezus aan dit openbaringsmoment kan God in hem ten volle mens worden.

Zo'n trouw is niet vanzelfsprekend temeer daar de contouren van het conflict dat zijn dood tekent, vanop deze berg zichtbaar worden.

Wat betekent Jezus navolgen?

De openbaringen in mijn bestaan durven doorleven. Dat is niet evident. Openbaring is een groot woord voor flitsen van herkenning en appél, voor die waarheidsmomenten van mijn ervaring die zo gemakkelijk verdrongen, vergeten, weg gerelativeerd worden. Welke zijn die flitsen waarin ik mezelf gezien heb als wie ik te zijn heb? Jezus navolgen houdt ook in dat ik op beslissende momenten van mijn leven in gesprek ga met al wat goed, mooi en waar is in onze eigen traditie. Dit veronderstelt dat ik die rijkdom leer kennen. Dan wordt het boeiend om datgene wat ik zelf als waarheid over mijn bestaan vermoed, te toetsen aan wat generaties vóór mij ontdekt en beleefd hebben. Wie zijn mijn gesprekspart¬ners wanneer ik voor belangrijke keuzen sta? Door wie laat ik mij een richting aanwijzen? Wie biedt perspectief? En waarom zou ik niet mogen hopen dat dezelfde God ook mij persoonlijk aanspreekt en zegt: "In jou wordt mijn liefde creatief"? Deze liefde geeft ons kracht om toekomst te openen waar elke horizon verduisterd lijkt. En hier wil ik even terugkomen op wat de moeder zei over haar relatie met haar overleden zwijgzame man.

Misschien heeft God ook haar ooit persoonlijk aangesproken met "In jou wordt mijn liefde creatief" en heeft haar liefde het gehaald in haar relatie. Laten we dat ook voor onszelf wensen.

Amen.

image

© iStock