Je kunt niet enkel en alleen afgaan op horen zeggen. Liefst heb je ook nog het getuigenis van mensen die iets hebben gezien, of het een en ander zelf hebben meegemaakt.
Daarom zegt Johannes: Ik heb het zelf gezien en ik heb getuigd.
Wat heeft hij gezien en wat getuigt hij precies?
Hij heeft de Geest als een duif zien neerdalen. Die bleef op Hem rusten, op Jezus. “Toen Hij naar mij toegekomen is. Want eerder had ik gehoord van wie ik de zending heb ontvangen om te dopen: Op wie je de Geest ziet neerdalen en blijven rusten: Hij is het die doopt met heilige Geest. - Ik heb het zelf gezien en ik heb getuigd: Deze is de Zoon van God”.
Dit is de zondag op de drempel. De zondag van de overgang. Wij stappen van de kersttijd binnen in de gewone tijd door het jaar. Vandaag, op de drempel, kijken we nog even om. Anders gezegd: dit is ook nog een openbaringszondag.
Getuigen worden opgeroepen zich te melden!
Vandaag horen wij nog een belangrijk getuigenis. Over wie Hij is. Hij was eerder dan Johannes zelf. Hij is het Lam Gods. Zegt Johannes.
Na dit sterke getuigenis kan het pas beginnen: de reeks gewone zondagen, die van ons leerhuis. Dan lezen wij vooral uit het Matteusevangelie alsmaar verder, elke zondag weer een stuk. De reeks wordt onderbroken door de 40-dagentijd en de paastijd. Maar dat alsmaar verder lezen in Matteus is nog niet voor vandaag. We kijken eerst nog even over wie wij het aldoor hebben. Met wie hebben wij eigenlijk het genoegen? Laat de getuigen vooral spreken.
Elk jaar lezen we op de tweede zondag door het jaar nog een openbaringsverhaal. Uit het Johannesevangelie. Dit jaar is dat het tweede deel van het getuigenis van Johannes de Doper over Jezus. In het vierde evangelie is de Doper op de eerste plaats getuige. Veel meer getuige dan voorloper en wegbereider. Hij staat naast Jezus. Hij openbaart het volk dat Jezus al in hun midden is. “Midden onder u staat hij die gij niet kent.” Ook Johannes kende Hem nog niet, maar de doop van Jezus gaf voor hem de doorslag. Daar zag hij de Geest neerdalen over die Jezus. En de Geest bleef op Hem rusten. Denk aan de Geest van de scheppingsdag, de Geest die zweefde over de oerwateren.