In het evangelie van vorige zondag stelde Jezus de vraag: “Maar gij, wie zegt gij dat Ik ben?” Petrus antwoordde namens de andere apostelen, en misschien ook namens ons: “Gij zijt de Christus, de Zoon van de levende God.” Petrus trad daar naar voren als wat we vandaag zouden noemen: een oerdegelijke katholiek.
Deze zondag zien we een andere Petrus. Hij volgt niet, hij protesteert. Jezus maakt duidelijk dat de Messias veel zal moeten lijden en ter dood zal worden gebracht. Petrus verzet zich daartegen: “Dat verhoede God, Heer, zo iets mag U nooit overkomen!”
Wat zit er achter dit protest van Petrus?
Eigenlijk horen we daarin het protest van de hele mensheid tegen het lijden.
Waarom is er lijden in de wereld? Waarom ziekte en ongevallen? Waarom innerlijk verdriet en uiterlijke ellende? Waarom doen mensen elkaar pijn en maken ze elkaar het leven moeilijk?
Petrus wil niet dat Christus lijdt. Dat herkennen we. Wij lijden zelf niet graag en we zien ook niet graag dat mensen van wie we houden, moeten lijden. Van nature proberen we het lijden te vermijden. We proberen het soms te ontkennen, te negeren, er niet naar te kijken.
Misschien verklaart dat ook waarom we soms niet goed weten hoe we moeten omgaan met zieken, bejaarden, mensen die depressief zijn, mensen met een handicap, mensen met psychische problemen of ontheemden. Dat is niet altijd harteloosheid, onverschilligheid of egoïsme. Vaak voelen we ons eenvoudigweg niet opgewassen tegen het lijden van een ander.
Wanneer we iemand ontmoeten die een kruis draagt, zullen we dat kruis misschien even groeten, maar we zetten er niet gemakkelijk onze schouders onder. We denken: “Mijn naam is toch niet Simon van Cyrene!” En we maken dat we wegkomen. Zo lijken we eerder op “Simon, zoon van Jona”: Petrus, die het lijden van Christus ook niet wilde zien.
Daartegenover staan de woorden van Jezus: “Wie mijn volgeling wil zijn, moet Mij volgen door zichzelf te verloochenen en zijn kruis op te nemen.”
Zijn kruis opnemen, het lijden aanvaarden en dragen: dat is een heel andere houding dan die van Petrus. En deze woorden van Jezus klinken niet vals, omdat Hij zelf heeft beleefd wat Hij zegt.