Article header background
Terug naar overzicht
Marie-Ann De Cocker
image

Vierde zondag in de veertigdagentijd

‘Alleen met het hart kun je goed zien. Het wezenlijke is voor de ogen onzichtbaar. Dat is een waarheid, die de mensen vergeten zijn, maar die moet jij niet vergeten’. Antoine de Saint-Exupéry, Le Petit Prince

Laat ons beginnen met het eenvoudig geheim uit Le Petit Prince van Antoine de Saint-Exupéry. Wanneer de kleine prins afscheid neemt van vos, zegt die. ‘Alleen met het hart kun je goed zien. Het wezenlijke is voor de ogen onzichtbaar. Dat is een waarheid, die de mensen vergeten zijn, maar die moet jij niet vergeten’.

Het lijkt wel of vos vertrouwd is met de lezingen van vandaag: Davids’ koningszalving waar JHWH Samuel leert kijken met het hart om te zien wat er in het leven echt toe doet; en het goede nieuws dat je van blindheid kan genezen. Waarheid om nooit te vergeten.

Het evangelie leest als een gelaagd filmscript met scènes en personages die het thema scherp stellen: de strijd tussen licht en duister.

We verkennen drie betekenislagen.

image

© Pixabay

Vooreerst het letterlijk genezen van blindheid.

Tcha Limberger (*) is drie wanneer hij op kousenvoeten onderweg is naar de snoepbokaal op de vensterbank terwijl de radio hard speelt. Ineens vraagt zijn moeder wat hij van plan is. Hoe kon zij nu weten waar hij was? De kleuter ontdekt dat anderen iets kunnen of hebben dat hij niet kent en dat ‘iets’ heet blijkbaar zien. Zien lijkt hem een wonderlijk concept, toch heeft hijzelf niet het gevoel iets te missen. Hij vindt het aandoenlijk om te merken hoe bang en hulpeloos zieners worden in het donker want voor hem is het donker niet donker.

Die vanzelfsprekende omgang met duisternis contrasteert met het evangelieverhaal waar blind-zijn een on-gewenste toestand is die smeekt om verlichting, letterlijk en figuurlijk. Uiteraard was toen minder zicht op ziekte en beperking en was ondersteunend onderwijs en begeleiding voor blinden onbestaand. Maar op de voorgrond speelt de aanname dat zieken of mensen met een beperking zondaars zijn. Dat heeft vérstrekkende gevolgen: religieus-maatschappelijke uitsluiting en veroordeling tot de bedelstaf. Jezus verwerpt radicaal die connectie tussen zonde en ziekte én het geneesverbod op sabbat, zoals hij elke wet-interpretatie verwerpt die niet ten dienste staat van de mens.

Zijn betrokkenheid op de bedreigde is niet theoretisch maar concreet zintuiglijk:

Jezus ziet de blindgeborene, raakt hem aan en hoort wat de genezene overkomt.

In een volgende verhaal-laag krijgen zien en niet zien een tweede betekenis.

In Jezus’ tijd is de joodse samenleving religieus heel gevarieerd. Maar na de val van de tempel (70 n.C.) moeten overgebleven joden onder Romeinse bezetting hun identiteit als het ware heruitvinden. Dat zorgt voor verscherpte tegenstellingen en conflicten: wie aansluit bij de groeiende Jezusbeweging is niet langer welkom in de synagoge. De negatieve tekening van joden in dit verhaal is dus geen weergave van Jezus’ tijd maar is voor rekening van de evangelist en weerspiegelt de tijdsgeest van de eeuwwisseling. Johannes verwijt het rabbijns jodendom dat het niet ziet, niet gelooft dat Jezus het Licht is waarop al eeuwen gewacht wordt. De auteur speelt met tegenstellingen om dit te verduidelijken:

zien of niet zien, geloven of niet geloven.

image

© iStock

Welke betekenislaag kunnen wij in deze veertigdagentijd aanboren? Welke aangeboren blindheid of blinde vlekken wachten op genezing?

Enkele aanzetten:

-Met de slogan ‘Het is nú tijd voor actie’ zet de Vlaamse veertigdagenactie Broederlijk Delen in op leren zien waar mensenrechten onder druk staan. Wie van blindheid voor onrecht geneest, maakt een vuist tegen elke situatie die rechten en waardigheid van mensen bedreigt.

-Een andere insteek: waar tot voor kort de verzuiling zorgde voor naast elkaar bestaan van mensengroepen en visies op samenleven, worden nu individuen en kleinere groepen tegen elkaar opgezet door fake news en haatspraak op sociale media; algoritmes versterken daar maatschappelijke blindheid en sluiten op in onvrije silo’s. Bij dat alles blijven we blind voor het achterliggend consumptie-gedreven model en het gigantisch klimaatimpact van dataverkeer. De jongerenwerking Kamino suggereert dat het regelmatig opzijleggen van de smartphone in een ‘snoeshoes’ de ogen kan openen voor meer verbinding.

-In zijn boek De zeven vinkjes beschrijft journalist Joris Luyendijk de blindgeboren Nederlander vandaag. Hij schetst de privilegies van de 3% witte, hoogopgeleide hetero-mannen met minstens één ouder die in Nederland geboren is, welstellend is of een hoger diploma haalde. Al hun privilegies zijn rechtstreeks of onrechtstreeks meegegeven bij de geboorte. Luyendijk getuigt van de shock nu pas te ontdekken – nu pas te zien – dat hijzelf tot de minderheid van zeven-vinkers behoort die aangeboren macht en invloed heeft. De zelfreflectie op zijn aangeboren blindheid verandert zijn journalistiek werk op twee fronten. Enerzijds zet hij zich in om de 3%-minderheid bewust te maken van hun onverdiende positie en anderzijds engageert hij zich om de meerstemmigheid van de 97% meerderheid te beluisteren en zichtbaarder te maken.

Onuitsprekelijke, wij die u nooit hebben gezien,
wij danken voor uw Zoon en zijn Licht dat ziende maakt.

Amen.

image

© Dominicanen van België en de Nederlanden

Bronnen:

-Antoine de Saint-Exupéry, Le Petit Prince, Paris/Gallimard, 1943.

-Guinevere Claeys, Voor mij is het donker niet donker, gesprek met Tcha Limberger, DS-weekblad 24/01/26 – p.20
(*)Tcha Limberger (Brugge, 1977) is een Belgische zigeunermuzikant die vooral bekend is als gitarist, violist en zanger. Als gevolg van zijn vroeggeboorte verloor hij zijn zicht.

-https://broederlijkdelen.be/

-https://www.kamino.be/nl/blijf-luisteren

-Joris Luyendijk, De zeven vinkjes. Hoe mannen zoals ik de baas spelen, Uitgeverij Pluim, 2022.