Article header background
Terug naar overzicht
Jozef Essing
image

Zevende paaszondag

Jezus bidt voor de zijnen

image

Bethesda, Jeruzalem © Lawrence Lew, OP

Terug naar de oorsprong

Wanneer de dood nadert, gebeurt het meer dan eens, dat een mens om zijn ouders roept; het is of zo iemand op zoek is naar de geborgenheid van het begin. Je wordt weer kind, gaat terug naar de oorsprong. In die trant horen we in de evangelielezing van vandaag, rabbi Jezus. Veel heeft Hij gezegd tot zijn leerlingen; maar het laatste woord in hun midden richt Hij tot die Ene van wie hij vandaan komt, in wie Hij geborgenheid vindt: zijn Vader in de hemel.

Wat Hij uitspreekt is heel bijzonder: geheel en al vertrouwt Hij zich aan die Vader toe, als iemand bij wie Hij zich volkomen thuis voelt; en tegelijk betrekt Hij in die relatie zijn leerlingen met wie Hij jarenlang heeft rondgetrokken als prediker en van wie Hij nu afscheid neemt. Hij gaat terug naar zijn oorsprong, naar het hemelse licht; de zijnen echter, degenen die zich aan Hem toevertrouwden, blijven achter in een wereld die, toen en nu, allesbehalve lichtend is.

Dagelijks maken we mee dat de waarheid verduisterd wordt door leugens en de waardigheid van weerlozen vermorzeld onder puin. Daarom vertrouwt Hij de zijnen toe aan de liefde van zijn Vader en bidt Hij over hen datgene af waaruit Hijzelf al heel zijn leven kracht put: de band die Hij heeft met Hem.

Ik heb U verheerlijkt op aarde, verheerlijk mij nu bij U, bidt Hij. Dat klinkt op het eerste gehoor ver weg, hoog boven ons uit - fijn voor Hem, maar wat betekent het voor ons? Wat Hij bedoelt is:

Ik heb laten zien en horen wie U wilt zijn voor deze wereld, wat U wilt betekenen voor mensen die snakken naar licht in de duisternis om hen heen.

Niets anders wilde Hij zijn dan Gods logos, Gods woord zoals het wordt vertaald. Daar is niet een stel letters op papier mee bedoeld, maar een levend roepen een aanhoudend aanspreken, te vergelijken met het toelachen en toespreken van een klein kindje net zo lang tot er op het snoetje een glimlach verschijnt, of de naam roepen van een geopereerde patient in de uitslaapkamer om hem of haar tot bewustzijn te wekken.


image

Jezus Christus in gebed, Consolatta-begraafplaats, Lake Charles, (Louisiana, USA) | Conniemod, CC BY-SA 3.0, via Wikimedia commons

"Ga je wassen in 'Bad de Gezondene (Bad van Bethesda)'", klonk het.

En een blind geboren werd ziende. Ja, hoe meer zijn omgeving de ogen hiervoor sloot, hoe meer hij ging zien! "Lazarus, kom uit!", sprak Hij. En een dode kwam tevoorschijn uit het hol dat hem opsloot. Het zijn beelden die laten zien wat ook met ons kan gebeuren. Jezus is Gods stem die roept en een antwoord wil uitlokken, een roepen dat ons wakker wil maken uit de slaap.

Zo heeft Hij Gods grootheid laten zien: niet als macht die overweldigt, maar als dichtbij komen en geduldig blijven roepen, blijven aanspreken.

Waar ik, zoekende en soms verdwaalde mens, ook ben, niets is Hem teveel om mij te bereiken, al moet Hij ook afdalen in de diepste put. Gods grootheid is de nabijheid van de liefde die tevoorschijn kijkt en roept, die geduldig wacht, uithoudt en zo toekomst open houdt. En zoals Jezus JA heeft gezegd tot zijn Vader, zijn grootheid heeft doen uitkomen, zo moge de Vader JA tegen hem zeggen, Hem bekrachtigen en in het volle licht zetten. En met Hem de zijnen, ons.

Hiermee raken we aan de diepste kern van Jezus' bidden: het geestelijk klimaat waarin Hij zich ophoudt. Het is niet de sfeer om iemand heen die zichzelf genoeg is, maar de leefruimte van zielsverwanten die met elkaar optrekken, in een geven van zichzelf en ontvangen van een ander, in woord en wederwoord.

Hij bidt dat wij in die ruimte worden opgenomen, want dat is pas leven voor Jezus: dat zij U kennen en Hem die U hebt gezonden - 'kennen' zoals de liefde kent: waarin de een zich openstelt voor de ander en beiden voor de dag komen omdat zij er voor elkaar mogen zijn. Dat is leven dat duurzaam is, niet vergaat, van eeuwige kwaliteit. Dan erken je de boodschap: laat je tot je doordringen wat Hij wil zeggen, Jezus bidt dat zijn Vader, in een wereld van 'wij' tegenover 'zij', van 'of jij of ik', in het volle licht zet wat zijn Zoon bezielt: de kracht van ontvangen en geven, van omzien naar elkaar en één-zijn vanuit verscheidenheid: 'ik voor jou' en 'jij voor mij'.

Moge die kracht, vaak verborgen onder stof en gruis, aan het licht komen. Bidden wij daartoe, in vereniging met de leerlingen in Jeruzalem.

image

© AdobeStock